maandag 14 november 2016




Wat zijn de dominante leestekens in je dialoog?


Ik bedoel: zowel in de dialoog met jezelf als met de anderen. Zonder het goed te beseffen leven we namelijk allemaal met een soort Michel Wuyts of José De Cauwer in ons hoofd: een onophoudelijk kwetterende commentaarstem bij de wedstrijd van het dagelijkse leven.  Een dag in de stilte helpt om je bewust worden van die stem en van het feit dat ze NIET de wedstrijd is. In de stilte oefen je ook het bedienen van de volumeknop om de stem te dempen en de wedstrijd te ervaren zoals hij zich ontvouwt, van moment tot moment.

Bij de start van onze Stiltedag zei iemand dat de stiltemomenten de komma’s is zijn in onze zinnen. Dit bracht mij op het  idee om enkele van de favoriete leestekens van de commentaarstem in mijn hoofd en in mijn dialoog met anderen te onderzoeken.

Het uitroepteken!

Johan Anthierens noemde dit ooit “de champetter onder de leestekens.” Het roept bij mij het beeld op van een matrak. Je vindt het op allerhande verbods- gebods- en waarschuwingsbordjes: van “Deur Toe!!” over “Honden aan de leiband!!!” Het is de strenge stem van het afkeuren, het veroordelen. Je voelt de boosheid en de voldoening waarmee de schrijver op zijn toetsenbord hamerde!!!!!

Mijn oordelende stem is een sterk ontwikkelde, luide en vrij dominante stem. Deze reflexmatige stem is een erfenis van mijn verre voorvaderen. Zij die de gevaren zonder verpinken konden inschatten, hadden de grootste kans om te overleven. Het grote nadeel van deze eertijds nuttige reflex is dat mijn brein ook vandaag nog sterk de neiging heeft om voorrang te geven aan het dramatische, het bedreigende, het oordelende en veroordelende.

Dit zorgt ervoor dat mijn aandacht onweerstaanbaar aangezogen wordt door het kleine vlekje op het voor de rest witter-dan-witte hemd van mijn tafelgenoot.

De bedenkers van de koppen in de nieuwsberichten zijn meesters in het bespelen van deze “negativity bias” van mijn brein. Om de schijn van de beschaving hoog te houden wordt het uitroepteken gewoonlijk gecensureerd in de lay-out. Het staat er niet, maar toch hangt zijn schaduw over de tekst. Je voelt dat het er wel was bij het schrijven.

Het vraagteken?

In tegenstelling tot het strakke, rechtlijnige uitroepteken presenteert het vraagteken zich met een elegante, sierlijke zelfs speelse boog. Het is het teken van het onderzoeken, het twijfelen, het niet weten, de nieuwsgierigheid. Het is het vraagteken dat mij op het mindfulness pad heeft gebracht.

Waarom heb ik stress? Wat kan ik doen om beter om te gaan met mijn stress? Of op een nog dieper niveau: wat wil ik bereiken met mijn leven?

De dubbele punt:

Dit is het favoriete leesteken van copywriter Mark Van Bogaert, een van de docenten met wie mijn Direct Marketing Institute destijds jarenlang heeft samengewerkt. Het kondigt aan dat wat erna volgt belangrijk is. De dubbele punt zet de rest van de zin als het ware op een piëdestal. “Ik kijk naar Linda en besef: zij is de vrouw van mijn leven.” De dubbele punt is een paukenslag of, om in de meditatietraditie te blijven, de gong. Het doet je kijken en luisteren met verscherpte aandacht.

De komma

Dit zijn de korte pauzemomenten, de mini-stiltes, die zowel de spreker als de luisteraar toelaten om even op adem te komen. Waardoor de dialoog begrijpelijker wordt.

De punt

Het compactste onder de leestekens zorgt voor structuur en daardoor voor overzicht en rust kijk maar hoe jij deze paragraaf ervaart waarin ik bewust alle punten en komma’s heb weggelaten dat zorgt wellicht voor enige verwarring of minstens voor wat onrust de punt wijst bij voorkeur op het einde van een gedachte of gebeurtenis het is een moment van afronden van landen

In een meditatiesessie is de punt het moment waarop we een gedachte loslaten. Ze laten gaan. Om niet meegesleurd te worden in de gedachtestroom.

Het beletselteken…

Dit is het moment waarop we ruimte bieden aan de andere, om zijn of haar verhaal toe te laten. Vul zelf maar in…

De punt komma;

Dit is een tweeslachtig leesteken: noch punt, noch komma. Daarom dat ik dit leesteken zelden gebruik. Ik verkies het origineel: of de punt, of de komma.

De witruimte

Ik weet niet of de witruimte volgens taalkundigen officieel als een leesteken aanzien wordt. Watikwelweetisdatdithetkrachtigsteinstrumentisineendialoog. Niet enkel de witruimte tussen de woorden en zinnen is belangrijk. Ook en vooral de witruimte tussen de regels en paragrafen. Hoeft het ons te verbazen dat we in de digitale wereld in de namen van websites (de zogenaamde url) en in de hastag (#) op twitter geen witruime mogen gebruiken? De digitale wereld beschouwt witruimte als zinloze leegte die opgevuld moet worden, 24 uur op 24 uur, 7 dagen op 7. De digitale stopverf die onze geesten verstikt.

Ik grijp even terug naar de cursus dialoog marketing van mijn leermeester Siegfried Vögele: zijn advies was om een paragraaf bij voorkeur niet langer te maken dan zeven regels (niet zeven zinnen). Om dan een witregel te laten. Bovendien gaf hij als raad om de belangrijkste paragraaf integraal te laten inspringen, omdat die extra witruimte zorgt voor extra aandacht. Zoals deze paragraaf bewijst.

Witruimte is de Edele Stilte, het Zwangere Niets, dat potentieel alles kan bevatten en net daarom zo krachtig is. Hoe groter de witruimte hoe krachtiger. De korte versie is de symbolische minuut stilte waarmee Sting zijn concert in de Bata’clan begon. De iets langere versie zijn de acht en een halve uur stilte (van 9u tot 17u30) die we om de zes weken intensief oefenen in de Stiltehoeve Metanoia.

Ik begrijp best dat veel mensen afgeschrikt worden door de stilte, wellicht omdat ze onbewust bang zijn om alleen met zichzelf samen te zijn. In stilte stilstaan en niets anders doen dan naar binnenkijken, naar de commentaarstem en de leestekens in je geest: het vraagt moed en geduld. Je kan er proberen over schrijven. Je moet het vooral zelf ervaren.



maandag 31 oktober 2016

Ook nood aan een digitale detox?


Erik Van Vooren

Obesitas en burn-out: twee actuele ziektes van onze moderne westerse wereld. In deze column wil ik even stilstaan bij een bijzondere vorm van obesitas, namelijk: informatie-obesitas. Door de digitalisering is informatie niet alleen altijd en overal 24 op 7 beschikbaar, de toegangsdrempel tot de digitale kanalen is nu zo laag dat iedereen zonder veel moeite of geld zijn eigen gedachten, foto’s of video’s kan delen met de rest van de online samenleving.

Zeker de komst van de smartphone (een toestel dat nog geen tien jaar oud is) heeft ervoor gezorgd dat we altijd en overal verbonden zijn. De smartphone eist niet alleen zijn plaats op het nachtkastje maar ook aan tafel of in besprekingen. Ik zie dagelijks in het verkeer overmoedige mensen die denken dat zij de uitzondering zijn die wel veilig en aandachtsvol kunnen autorijden met een smartphone in de hand (of tussen oor en schouder geklemd).

Digitale Neanderthalers


Ik ben van mening dat zelfs de zogenaamde diginatives eerder digitale Neanderthalers zijn in hun omgang met de digitale media. Zo las ik in mijn krant: “Jongeren sharen alles op Facebook, behalve echte gevoelens.” In een ander artikel las ik dat de social media aanzetten tot het voortdurend vergelijken van je eigen leven met dat van anderen wat zorgt voor een sluimerende onrust en onvrede. Dat werd mooi uitgebeld in een cartoon waarin de ene persoon aan de andere vraagt: “Stel dat je mocht kiezen: wie zou je dan het liefste zijn? Waarop de andere antwoord: “Mijn Facebook profiel. Zij heeft een super-gaaf leven.”
Theo Compernolle zegt in zijn boek “Ontketen je brein” (een aanrader) dat de voortdurende “beeps” en “peeps” van onze smartphone onbewust de paniekzone in ons brein activeren: die zone die in de oertijd bedoeld was om een cruciale beslissing te nemen: “lunch hebben of lunch zijn.”

Nooit meer druk

Geen wonder dat er een nieuwe markt ontstaat van boeken en workshops om te leren onze informatie-obesitas onder controle te krijgen. Op mijn werktafel ligt momenteel het boek van Tony Crabbe: “Nooit meer te druk. Een opgeruimd hoofd in een overvolle wereld.” Een korte bloemlezing uit de verschillende hoofdstukken geeft je een inkijk in de teneur van het boek:
-       Stop met het managen van je tijd
-       Aandachtsmanagement
-       Druk is een waardeloos merk
-       Stop met streven naar meer
-       Van druk naar geluk

Waan en aandacht

Uw aandacht is het waardevolste geworden wat u heeft. Iedereen wil ze. Ons brein is er echter niet voor gemaakt om permanent getriggerd te worden. Eva Berghmans, correspondente 'Waan & aandacht' onderzocht zes maanden lang in De Standaard hoe we weer meester kunnen worden van onze aandacht. Enkele van haar conclusies zijn dat aandacht iets is dat we kunnen trainen en dat zo’n training niet overbodig is in een tijd waarin er zoveel prikkels zijn die je aandacht kapen. Men denkt ook gemakkelijk dat bewust in het leven staan iets is voor zweverige types. Wel integendeel: zij sprak met veel bedrijfsleiders die aangaven dat net het investeren in het bewust trainen van hun aandacht (door bijvoorbeeld mindfulness) hen geholpen heeft om productiever te zijn.


Mentale detox betekent dat jij je opgejutte brein af en toe wat offlinetijd gunt.

dinsdag 25 oktober 2016

Het nut van ademgaten






Als je de houtblokken in de openhaard te compact op mekaar legt, is er geen ruimte voor zuurstof en dooft het vuur. Mensen hebben ook nood aan “ademgaten”. Onze horror vacui (angst voor de leegte) is echter zo groot en het aanbod aan digitale verstrooiing is zo alomtegenwoordig dat wij die ademgaten voortdurend dichtstoppen met digitale stopverf. 

Net in ademgaten schuilt de voedende, helende zuurstof  
en de ruimte om een nieuw perspectief te ontdekken.
 


Dus: leg je smart phone nu even aan de kant, schakel je pc uit en geniet enkele minuten van het natuurlijke ritme van je adem: voel hoe je wijze lichaam weet hoe het moet ademen zonder dat jij dit hoeft aan te sturen, ervaar de deining van de oceaan van het leven in de op en neergaande beweging van je buik...